500

Posted on 29 januari 2014

0


Hoe krijg je twintig Hollanders in een kever? Tien Belgen in een Daf? Of nee: hoe krijg je vier docenten en een schoolleider in een Fiat 500?

De jaarlijkse roadtrip door Polen is traditioneel koud en besneeuwd. Drie dagen zwerven we als ware nomaden van kinderhuis naar kinderhuis, ter voorbereiding van de maatschappelijke stage, door bruinkooldampende dorpjes, langs stoffige hotels. Om op de been te blijven doen we ons in onze spaarzame vrije tijd tegoed aan knoflookrijke pizzeriaproducten en halve liters bier. Een snoepreisje, volgens sommigen, maar het is keihard werken, jakkeren, afzien, een opeenstapeling van verborgen risico’s.

Ja, de gelaagde en allerminst oxidatieve rode wijnen van onze beproefde Italiaan in Wrocław beschikken over een uitdagend, nee, intimidérend bouquet, een body om U tegen te zeggen, dode gistcellen bij de vleet en een hondsbrutale afdronk die ontaardt in een ronduit hysterische smaaksensatie, zeker na de derde fles, maar dat weegt niet op tegen het hemeltergende gegil dat van de achterbank van de gehuurde Ford Focus klinkt als er, ik noem maar iets, tijdens een ogenschijnlijk volkomen verantwoorde inhaalmanoeuvre ter verlossing van een te trage vrachtwagen plotseling een Pool van rechts de weg op schiet, nog net vóór de vrachtwagen, en zich in volle vaart en opzichtig seinend tot onvoorziene tegenligger ontpopt. Niet gehinderd door de gladheid weet onze hotemetoot de Ford op het nippertje voor de vrachtwagen te proppen, maar niemand van ons heeft de moed om achterom te kijken en te verifiëren of de vrachtwagen en de onbesuisde tegenligger al dan niet in greppels zijn beland, of erger. Nee, we houden de moed erin, heffen nog een lied aan en hebben alleen maar méér reden om, later die avond, met bier, rode wijn, Irish Coffee en andere wijvendrankjes uitbundig Het Leven te vieren.

Na ons redelijk voorspoedig naar het centrum van Wrocław te hebben geleid – het gegil is nog maar nauwelijks weggestorven – geeft die wegwijstrut in mijn smartphone een verkeerde – of dan toch op zijn minst onduidelijke – instructie die de hotemetoot noopt de auto met welhaast chirurgische precisie tussen twee trams te gooien om hem vervolgens rakelings voor het volop accelererende stadsverkeer langs de juiste richting in te sturen. Voor ijzingwekkend gegil is deze keer geen tijd, hoewel het ook de gewenning kan zijn. In het licht van de voorafgaande verkeerstechnische gebeurtenissen volstaat een parkeerplaats pal voor de hotelreceptie echter om een tweede levenslang trauma te voorkomen. Dat de parkeerplaats een flinke bekeuring waard blijkt te zijn weten we dan nog niet.

Wat we wél weten is dat er, als Ryanair ons de volgende dag weer naar Brussel heeft gebracht, een benauwde laatste etappe in het verschiet ligt. Op de eerste dag, toen de hotemetoot nét alle collega’s had opgehaald met zijn ruime gezins-Renault en vol brute overgave enkele verkeersdrempels had genomen, deed de uitlaat met luid geschraap, gekletter en dierlijk gebrom kond van zijn overgave aan de elementen én de nietsvermoedende straatstenen.

Zó krijg je vier docenten en een schoolleider in een Fiat 500.

Posted in: Automotief, Polska