Abo

Posted on 27 juni 2006

0


En maar kuilen in het zand pissen van mijn centen.

Die leen ik even van iemand die iemand die ik ken kent, omdat het mijn emoties zo treffend weergeeft. De bron is mij verder onbekend, e-mail hieromtrent is welkom.

Ik behoefde een telefoonabonnement, want ik bleek er 40 euro prepaidbeltegoed per maand doorheen te jagen. En ach: een telefoon met een fototoestelletje, dat is ook wel zo handig voor onderweg. Ik dook het net op, kwam terecht bij een aanbieder die netwerktechnisch goed bekendstaat en zocht mij een abonnement en wat guitige toestelletjes uit. Maar zo’n toestelletje, dat wil ik zien, vasthouden. Op naar de telefoonwinkel.

De shortlist werd tot twee teruggebracht. De abo’s in de telefoonwinkel zijn weer heel anders dan die op internet. Maakt niet uit: doe maar wat. Verzekeringetje erbij, wat kan het schelen. Mijn oude nummer mee, dat duurde dan twee weken. Ik sprak met meneer De Beer af dat ik hem nog zou bellen welk toestel het werd. Bellen? Met een telefoonwinkel? Nee, daar kunnen we niet aan beginnen. E-mail dan. Het is mij hetzelfde.

Diezelfde dag mailde ik meneer De Beer mijn keuze. Twee dagen later had ik nog geen antwoord dus ik mailde weer, ook omdat ik precies hetzelfde abonnement op internet had gevonden, maar dan honderdveertig euro goedkoper. Of dat dan ook voor mij gold.

Geen reactie.

Twee weken later kon ik, zo meldde mij een officiële brief, mijn telefoon en simkaart ophalen. Het abonnement zou de volgende dag ingaan, alsook de overschakeling van het nummer. Gewapend met de onbeantwoorde e-mails en de internetaanbieding spoedde ik mij ter telefoonwinkel, waar bleek dat het abonnement gerust geannuleerd had kunnen worden, zodat ik gewoon van de internetaanbieding gebruik had kunnen maken. Maar dan wel minimaal achtenveertig uur voordat het abonnement ingaat. O ja, en dat andere toestel staat nog op het contract, dat kunnen we nu niet veranderen. Een dagje zonder telefoonnummer, dat is toch wel te overzien? Inkomstenderving, daar hebben ze nog nooit van gehoord in de telefoonwinkel.

En meneer De Beer? Die was op vakantie. Zat toen ook al met zijn hoofd aan de cocktail op een Canarisch eiland. Afspraken? Gelden die dan ook voor meneren in telefoonwinkels? Hoe kreeg ik het verzonnen. Als de koffers al thuis in de gang staan te wachten, dan zeggen we toch gewoon dat we e-mailen? Daar hoeft toch verder niemand zich aan te houden? Waar staat dat dan, dat dat moet? Ik zie het niet staan, ziet u het staan?

Mag ik dan boos zijn? Mag ik dan zo’n stoffige telefoonwinkeltrut die net staat te doen of ze haar best doet tot genoegdoening sommeren? Mag ik dan uitdrukking geven aan mijn teleurstelling in het begin van deze zakelijke relatie, ondersteund met een krachttermpje of één, twee?

Meneer De Beer, bedankt. Ik zit twee jaar aan u vast. Mooi toestelletje, daar niet van, maar zal ik er ooit met plezier een foto mee maken? Een sms’je mee sturen?

Meneer De Beer, weet u wat?

We mailen!

Posted in: Consumentenleed, Tech